Body & Fit

Consultancy

Your Body and Mind in shape

Fiets technieken

1. Juiste afstelling van de fiets
Een goede setup voorkomt klachten en maakt je training effectiever:
Zadelhoogte: je knie licht gebogen onderaan
Zadel naar voren/achter: knie boven het pedaal wanneer deze horizontaal staat
Afstand stuur-zadel, plaats je elleboog tegen het puntje van je zadel en spreid je vingers.
Dit is de afstand tussen je zadel en stuur. 
Stuurhoogte: beginners iets hoger (comfort), gevorderden lager (sportiever)

2. Houding
Rug licht voorover, maar niet bol
Schouders ontspannen (niet optrekken!)
Armen licht gebogen
Core (buikspieren) licht aangespannen voor stabiliteit

3. Traptechniek (cadans)
Trap rond en soepel, alsof je een cirkel maakt
Duw én trek licht (bij klikpedalen)
Houd een ritme aan:
Rustig: 60–80 RPM
Gemiddeld: 80–100 RPM
Intensief: 100+ RPM

4. Weerstand gebruiken
Te licht = weinig effect
Te zwaar = slechte techniek

 Zoek een balans waarbij je controle houdt
Tip: voorkom “stuiteren” op je zadel → dan staat de weerstand te laag of je zit te laag.

5. Zittend vs staand fietsen
Zittend:
Efficiënt en minder belastend
Goed voor langere inspanning
Staand:
Meer kracht en intensiteit
Houd heupen stabiel en gewicht centraal

6. Ademhaling
Adem diep en ritmisch
Niet oppervlakkig hijgen
Probeer een vast ritme (bijv. 2 tellen in, 2 uit)

7. Intervaltraining (basis)
Indoor fietsen is ideaal voor intervallen:
1 minuut zwaar + 2 minuten rustig
Herhaal 5–10 keer

8. Veelgemaakte fouten
 Te veel leunen op het stuur
 Schouders gespannen houden
 Te zware weerstand gebruiken
 Onregelmatig trappen
 Slechte houding (ronde rug)

9. Cooling-down & herstel
Sluit af met 5–10 minuten rustig fietsen
Stretch je benen (quadriceps, hamstrings, kuiten)

Spiergroepen

de spiergroepen die gebruikt worden tijdens Indoor :

Hier is een duidelijk en visueel overzicht van welke spieren je gebruikt bij indoor fietsen (spinning)

🚴‍♂️ Overzicht van de belangrijkste spiergroepen

🦵 1. Beenspieren (meest belast)
Dit zijn de belangrijkste “motoren” tijdens het fietsen:
Quadriceps (voorkant bovenbeen) → duwen de pedaal naar beneden
Hamstrings (achterkant bovenbeen) → trekken de pedaal omhoog
Bilspieren (glutes) → leveren kracht, vooral bij zwaar verzet of staand fietsen
Kuiten (calves) → helpen bij stabiliteit en kracht overbrengen
 
👉 Deze spieren leveren het grootste deel van de kracht tijdens het fietsen 
 

2. Core (rompstabiliteit)

Buikspieren (abs)

Schuine buikspieren (obliques)

Onderrug (erector spinae)

 Functie:

Houdt je lichaam stabiel

Zorgt voor balans en goede houding

Extra belangrijk bij staand fietsen

 

3. Bovenlichaam (ondersteunend)

(Wordt minder intensief gebruikt, maar wel actief)

Schouders

Biceps & triceps

Bovenrug

 Functie:

Ondersteunen je op het stuur

Worden actiever bij sprinten of “heupen naar je stuur” fietsen

 

 Samenvatting per intensiteit

Hoog belast: benen (quads, hamstrings, glutes)

Gemiddeld belast: core (stabiliteit)

Licht belast: armen & schouders

 

Belangrijk om te weten

Indoor cycling is een full-body workout, maar vooral gericht op het onderlichaam

Hoe hoger het weerstandsniveau, hoe meer spierkracht je gebruikt

Staand fietsen activeert extra je billen en core